Aanbevolen post

Wintervoorn stekken

In het artikel, wintervoorn , is een manier besproken om te vissen op de wintervoorn. In dit artikel gaan we verder in op de verschillende l...

Strike indicator

 Er is al veel over geschreven en menig vliegvisser heeft een bepaalde houding t.a.v. van een strike indicator. Uiteraard kan je een droge vlieg gebruiken als indicator want dan wordt het meer geaccepteerd.

De discussie ga ik hier niet voeren maar toch zijn er situaties waarbij zowel op de witvis als de forel een indicator een uitkomst gaat bieden. Er zijn verschillende kant en klare indicators te koop. Het nadeel kan zijn, vooral als de vis voorzichtig bijt, dat bij weerstand de vlieg meteen wordt uitgespuugd. 

Hierop komen we dan uit op de strike indicator met Yarn. Hierbij is de weerstand beduidend minder en het grote voordeel is dat dat deze door de (top) ogen gaan. Hier komt men vaak bij de Nieuw zeeland strike indicator uit. Voor rond de 25 euro te koop bij de vliegvis winkels. Voor degene die zelf aan de slag willen gaan is een boilie naald met een krimpkous krijgen hetzelfde resultaat alleen dan ben je voor 5 euro al geslaagd. Daarnaast werkt de Nieuw zeeland strike indicator niet bij dunne leaders of tippets. 

Echter er is ook een andere manier om je Yarn aan je leader te knopen. Zie onderstaande video!

Tight lines


 

Hook bead size euronymphing

 Bij euro nymphing kan men de onderstaande haak/ tungsten combinatie aanhouden:



Voorjaar :
#14 haak gecombineerd met een 3.5mm tungsten
#16 haak gecombineerd met een 3mm tungsten

Zomer:
#14 haak gecombineerd met een 3mm tungsten
#16 haak gecombineerd met een 2.5mm or 2.8mm tungsten
#18 haak gecombineerd met een 2.5mm tungsten bead

Herfst:
#14 haak gecombineerd met een 3mm tungsten
#16 haak gecombineerd met een 2.5mm tungsten
#20 haak gecombineerd met een 2.5mm tungsten
#22 haak gecombineerd met een 2mm tungsten bead

Dry dropper techniek

Vliegvissen met een Dry Dropper Rig

Een dry dropper rig kan vaak de eerste keuze wanner er voor veel kleine stroompjes zijn en voor  middelgrote rivieren. Wat is een droge dropper-rig? Het is een tandem rig van twee vliegen waarvan de droge op het water drijft en een nimf eronder hangt, vastgebonden aan de bocht van de droge of aan een dropper-tag. Hetzelfde rig wordt gebruikt voor het vissen met hoppers, waarbij de droge vlieg in dit geval een hopperpatroon is.

Wanneer een droge dropper-rig in te zetten?

In veel situaties kan een dry dropper rig de eerste keuze zijn, vooral op kleine stroompjes en middelgrote rivieren. Het is ook een eerste keuze bij het vissen op zicht in helder, ondiep water.  Vliegvissen met een dry dropper rig is een zeer veelzijdige methode.

De belangrijkste bepalende factor voor een andere methode te kiezen, is de diepte van het water dat de vissen verblijft. Er is een limiet aan hoe lang je de dropper kunt gebruiken en toch effectief kunt vissen en werpen. De grens ligt vaak op 1 meter. Het gaat niet zozeer om de diepte van het water, maar om waar de vissen zich in de waterkolom bevinden.

Het is mogelijk om met een dry-dropper-opstelling in een diepe poel te vissen als de vissen zich hoog in het water houden, actief aan het voeden zijn en zelfs bereid zijn om op te stijgen. Maar als de vissen zich stevig vasthouden aan de bodem van een diepe poel en niet willen bewegen, is euro nymphing een andere methode en wellicht een betere keuze. Als de vissen dichtbij het oppervlak actief zijn, kan een droge dropper-rig een goede optie zijn. 

Hoe je een dry dropper rig opzet

Er zijn twee basisopstellingen die kunnen worden gebruikt om een droge dropper-rig te bouwen. De eerste is om de nimf aan de bocht van de haak van de dry te binden en de tweede is om de dry aan een druppellabel boven de nimf te binden.


Vliegenlijn
Een weightforward drijvende lijn kan de voorkeur hebben met het vissen van dry dropper techniek. Je kan er zelf voor kiezen om een zwaarder lijn als de vliegvishengel te nemen waardoor de vliegenhengel zich makkelijker laad op korte afstanden en ook om rolwerpen gemakkelijker te maken. Zorg ervoor dat uw lijn goed drijft, zodat u deze gemakkelijk kunt menden en een sleepvrije drift kunt bereiken.


Taps toelopende leiders
Ik gebruik een taps toelopende leader van de vlieglijn en bevestig deze normaal gesproken met een lus-tot-lus-verbinding. Er zijn eindeloze discussies over de beste verbinding, maar ik geef de voorkeur aan de lus-tot-lus-verbinding vanwege het gemak dat deze biedt bij het wisselen van opstellingen.
Voor de dry dropper vliegvisserij kan je een  9' voet 3x - 5x taps toelopende leader gebruiken. Het werkt goed om de vliegen tot een totale lengte van 12 tot 15 voet om te menden. 

Lengte en diameter van de tippet
De lengte van de tippet vanaf de taps toelopende leader tot de eerste vlieg varieert op basis van een aantal factoren. Je werpvermogen, de diameter van de tippet, de grootte en weerstand van de dry fly, het gewicht van de nimf en de wind hebben allemaal invloed op de lengte van de overall leader die je kunt omdraaien. Het belangrijkste is dat je de vliegen gemakkelijk, voorzichtig en nauwkeurig kunt presenteren en menden.

Als je moeite hebt om de vliegen om te menden, kort dan de leader in blijf dan de extra tippet die je aan de taps toelopende leader hebt toegevoegd, inkorten totdat je dit kunt doen. Je kan beginnen  met een tippet van 1 meter ten opzichte van de droge vlieg op een middelgrote rivier, terwijl op kleine stroompjes over het algemeen niets toevoeg. In plaats daarvan kan je  4x - 5x taps toelopende leader gebruiken.

De lengte van de tippet tussen de droge vlieg en de nimf dient ongeveer 1,5 maal de waterdiepte zijn waarin u vist. De waterdiepte is de diepte die de vis die u wilt bereiken zich bevindt, niet noodzakelijkerwijs de bodem van de rivier of het meer. Als u uw dropper langer dan 1 meter moet maken, wilt u misschien de methode die u gebruikt heroverwegen om naar de diepte te gaan waar u zich moet bevinden.

Knopen
Als je een vraag stelt over welke knopen je moet gebruiken om de tippet aan de leider te verbinden en de tippet om te vliegen enz., zul je waarschijnlijk een levendig debat op gang brengen. Een mogelijk is:

Om een lus in de leader te maken (als die er niet is) kan je de  achtvormige loop knoop, maar de perfectielus is ook populair. De tippet kan aan de leader geknoopt worden met een chirurgenknoop met 3 slagen en je deze knoop gebruikt om ook een dropper-tag te maken als ik van plan ben mijn dry te bevestigen.

De vliegen kunnen met een dubbele davy-knoop worden, vooral omdat deze goed werkt op korte dropper-tags als je aan het euro-nimfen ben. Er zijn nog veel meer populaire knopen en als je al vertrouwd bent met een knoop, is het waarschijnlijk niet nodig om te veranderen.

In de bocht VS Op een dropper
Ook hier zijn verschillende mogelijkheden en één daarvan is het vastbinden van mijn nimf in de bocht.  Het grootste probleem is dat deze niet geschikt is voor weerhaakloze droge vliegen. Je kan de weerhaak pletten waardoor de tippet kan niet voorbij glijden waar de weerhaak zat. Als ik met weerhaakloze vliegen vis, lijk ik soms mijn dropper midden in de worp te verliezen. Een andere mogelijkheid is om een klein bultje aan de bovenkant te maken waarboven de knoop komt te liggen. Hiermee kan de zwaarte van vlieg weer toelaten neemn. 

Vliegen kiezen voor een droge dropper-rig
De vliegkeuze is vrijwel onbeperkt en kan lastig zijn als je nieuw bent. Het eerste waar je aan denk als je bij het water kom, nadat je besloten hebt om een een dry dropper rig te gebruiken, is hoe snel het water stroomt en hoe ruw het oppervlak is. Snel, onstuimig zakwater vereist een droge laag die heel goed drijft en zichtbaar is. Hij zou in staat moeten zijn een redelijk zware nimf omhoog te houden die snel naar beneden kan komen. Voor een kristalheldere zweefvlucht met een ondiepe bruine kleur zijn een delicate kleine vlieg en een ongewogen nimf nodig die zeer zorgvuldig worden gepresenteerd. Hieronder staan enkele vliegen die  gebruik kunnen worden: 

Royal Wulff
Mijn eerste keuze bij het zoeken naar nieuw water, de Royal Wulff, is een onverslaanbare visvangvlieg. Hij is perfect voor het vissen met droge droppers, omdat hij heel goed drijft. Ga voor maat 10 voor sneller pocketwater.

Combineer een Royal Wulff met een andere klassieker, de haas en koper. De maat 10 kan een tungsten kraal maat 12 laten drijven en drijft goed in ruwer water. Regenbogen en bruin zijn allebei dol op deze vliegen. 



Adam's Parachute (Red Post)

Een variatie op de originele Adam's parachute, de rode pluim verbetert de zichtbaarheid. Parachute vliegt zo goed en je kunt gemakkelijk kleine tungstennimfen onder deze vlieg hangen.

Ik gebruik het voor heel langzaam water dat een delicate presentatie nodig heeft, en ze werken ook op kieskeurige bruintinten. Idealiter gecombineerd met een flashback-fazantenstaartnimf maat 14 op een dropper, passend bij de diepte van het water.



Flashback Pheasant Tail

Een vlieg van aller tijden en voor velen de eerste keuze voor de dropper vlieg. Gebruik maat 16 in skinny water onder een parachute Adams voor schuwe vissen of kieskeurige bruine vissen.

Maat 14 is mijn favoriete zoekpatroon voor een reeks water. Ik ga naar maat 12 met een hoog drijvende droge vlieg zoals een royal wulff of cicade als ik diep moet gaan of als ik in snel en ruw pocketwater vis.



Hare & Copper

De haas en koper kunnen vaak ingezet worden als de pheasanttails het laten afweten. 

Dit  patroon kan goed worden ingezet onder een foam cicade patroon (hopper) in maat 12. Deze werken goed in grotere maten, dus dan kleiner dan maat 14.







Tips voor het vliegvissen met een dry dropper rig
Oefening baart kunst zeggen ze en dat is bij elke vliegvismethode het geval. Je kunt het proces versnellen door van anderen te leren. Als je nieuw bent bij het vliegvissen of nog nooit met een droge dropper-rig hebt gevist, ga dan met iemand mee die verstand van zaken heeft en leer van hem. Kijken en leren van een ervaren vliegvisser is van onschatbare waarde. Een goede gids kan elke uitgegeven dollar waard zijn als je net begint, en hetzelfde geldt als je lid wordt van een actieve club. Ik heb veel geleerd door lid te worden van een club toen ik begon en ik maak er nu weer deel van uit. Je ontmoet gelijkgestemde mensen en dat leidt onvermijdelijk tot nieuwe kansen en het leren van anderen.

Overweeg brass beads ipv tungsten beads als je twijfelt of de dry fly wel blijft drijven. Dit kan echter de diepte wel beinvloeden.

Voor ondiep water gebruik onverzwaarde nymphs of zeer licht verzwaarde nymphs (kopperdraad).

Gebruikt voor voor helder en ondiep water langere leaders als normaal. 



 

Welke haak / Hook screener

Bij vliegvissen is het inspelen op de omstandigheden en aangezien de omstandigheden nog wel eens wisselen dienen we o.a. de vliegen wel een aan te passen. Onder andere in grootte.

Als vliegvisser en binder kom je regelmatig voor de keuze te staan welke haak?
Barbless of niet, lange haaksteel, wide gape etc.

Er zijn genoeg vliegvishaken maar hoe selecteer je nu de beste eruit voor de vlieg die je wilt binden.
Een hookscreener kan mooi van pas komen.

Waar kan ik deze vinden: https://flyhooks.org/


Bind ze en tigth lines

De spronglaag!!!

Juni is de maand waarin het water in diepe zandwinplassen eindelijk opwarmt . Dit geldt echter alleen voor de bovenste waterlagen. De diepe delen van de plas kunnen in de zomermaanden namelijk vrijwel zuurstofloos worden. En zuurstofloos is natuurlijk ook visloos! De spronglaag markeert de scheiding tussen waterlagen met en zonder vis en vormt de ondergrens voor je zomervisserij.

Invloed van de temperatuur

De voorjaarszon warmt de bovenste meters van diepe wateren veel sneller op dan de onderste waterlagen. Daardoor ontstaat een groot verschil in temperatuur. Koud water is zwaarder dan warm water, zodat zich een warme bovenlaag kan vormen die op de koude onderlaag ‘drijft’. Als deze temperatuurgelaagdheid (ook wel temperatuurstratificatie genoemd) eenmaal is ontstaan, dan is die zeer stabiel. Zelfs harde wind is niet in staat om de gelaagdheid te doorbreken. Op ondiepe wateren ontstaat dit fenomeen niet. Het verschil in temperatuur tussen de boven- en onderlaag dat overdag ontstaat, wordt in de loop van de nacht door afkoeling en circulatie teniet gedaan.

Het wel of niet optreden van stratificatie houdt ook verband met de relatie tussen de diepte en de afmeting van het viswater. In een klein water zal dit veel eerder optreden dan in een groot water van gelijke diepte: de windwerking zorgt op groot water voor meer circulatie. De mate van beschutting is dus ook van invloed. Hoe meer beschut het water ligt (tussen bomen of heuvels), hoe groter de kans op temperatuurstratificatie. Hier kan de wind immers geen circulatie in de waterlagen teweegbrengen.

Zuurstofafname

Zodra het fenomeen van de temperatuurgelaagdheid zich voordoet – meestal in de loop van mei of juni, afhankelijk van de temperatuur in het voorjaar – neemt het zuurstofgehalte in de onderste waterlaag af. Daar vinden andere (bio)chemische processen plaats dan in de warmere bovenlaag. In de bovenste waterlaag produceren de aanwezige algen zuurstof onder invloed van het zonlicht. In de onderste waterlaag dringt minder of geen licht door en wordt alleen zuurstof verbruikt.

Het zuurstoftekort wordt versterkt door een regelmatige ‘regen’ van afgestorven algen die neerdaalt vanuit de bovenste waterlaag. Bij de afbraak van deze algen wordt zuurstof verbruikt, waardoor de omstandigheden in de onderste waterlaag verder verslechteren. Uiteindelijk kan er bij dit proces in de modder ammoniak en waterstofsulfide (H2S; de geur van rotte eieren) worden gevormd. Deze stoffen zijn giftig voor vissen en andere organismen. Vissens houden zich vanwege het gevaar van ademnood en vergiftiging dus niet graag in de onderste waterlaag op.

Spronglaag

Tussen de warme bovenlaag en de koude onderlaag van het water ligt een dunne overgangslaag. Deze laag is maximaal een meter dik en wordt de ‘spronglaag’ genoemd. Duikers nemen de spronglaag vaak waar als een mistige of melkachtige laag in de waterkolom. Daaronder is het water erg helder en een stuk koeler. Zeker aan het einde van de zomer kan het water onder de spronglaag een slechte kwaliteit hebben en vreselijk naar rotte eieren stinken. Vissen komen hooguit kortstondig in deze waterlaag, anders leggen ze het loodje. Vis je in een dergelijk water onder de spronglaag, dan kun je heel lang op een aanbeet wachten. Het is dus belangrijk om te weten op welke diepte zich in jouw water een spronglaag vormt. Zodra je die diepte weet, vis je in de warme maanden van het jaar vervolgens alleen in de waterlaag boven de spronglaag. Hierdoor zullen je vangstkansen fors toenemen.

Welke diepte?

Over het algemeen kun je stellen: hoe groter het water, hoe dieper de spronglaag. In kleine zandwinplassen van één of twee hectare kun je al op een diepte van vier tot zes meter een spronglaag aantreffen. Tijdens een onderzoek van Sportvisserij Nederland is op een kleine, vijf meter diepe zandwinplas zelfs een gevonden op 3,5 meter diepte.

In middelgrote zandwinplassen met een oppervlakte tot circa 20 hectare, zul je de spronglaag over het algemeen aantreffen op acht tot tien meter diepte. In grote zandwinplassen met een oppervlakte van meer dan 20 hectare, ligt hij meestal dieper dan tien meter – zeker als het water glashelder is en het zonlicht tot op grote diepte kan doordringen. Hier kun je dus ook op grote diepte in de zomer nog prima vis vangen.

Om een indicatie te krijgen op welke diepte de spronglaag zich bevindt, kan een goede fishfinder uitkomst bieden. Die geeft het verschil in dichtheid van het water prima weer, waardoor de spronglaag zichtbaar is als een donkere band. Heb je geen boot met fishfinder en zijn er in ‘jouw’ zandwinplas duikers actief, dan kun je vragen op welke diepte zij de spronglaag waarnemen.

Ondiep is hot

In de zomermaanden zie je op de fishfinder soms veel grote vissen net boven de spronglaag. Vaak ligt de vis hierbij op half water boven de diepste delen van de plas. Vis je aan de randen van deze gedeelten op een waterdiepte net boven de spronglaag, dan zit je dus in de buurt van de vis. Op zulke plekken kun je ook experimenteren met een zogenaamde zig-rig. Hierbij biedt je het haakaas zwevend aan in de waterlaag waar de vis zich bevinden. Neem altijd het zekere voor het onzekere en vis ruim boven de spronglaag. Het zou zonde zijn als je aas net in of onder deze laag zweeft, terwijl de vis een meter hoger hun rondjes zwemmen.

De meest onderschatte stekken in diepe zandwinplassen bevinden zich echter in de oeverzone. In de ondiepe delen is veel voedsel zoals insectenlarven, slakjes en kreeftjes te vinden. Vooral ’s nachts, wanneer het langs de oevers lekker rustig is, trekt veel vis de ondieptes op om te azen. Gooi dus gerust een hengel uit langs een rietkraag, ook al staat er minder dan een meter water. Vergeet ook de ondiepe zwemgedeelten van een plas niet. In een overdag door badgasten omgewoelde bodem zoeken vissens graag naar voedsel. Is het water voor een vis diep genoeg om in te zwemmen, dan kun je ze er ook vangen!

Hoe natte vliegen en nymphs in te zetten!

Als de forellen subsurface jagen dan is een andere setup wellicht handig om in te zetten. Het vissen met natte vliegen en\of nymphs!  

Maar hoe vist men deze?
- Hoe om te gaan met drag?
- Hoe te werpen?
- Welke vliegen dien ik te gebruiken
- Beet detectie
- Vis ik wel diep genoeg?

Genoeg vragen waarop een antwoord handig is. In de onderstaande video van Orvis wordt uitleg gegeven!

Tight Lines





Euro Nimphing

French- en Tsjech nymph, oftewel European Style Nymphing vissen. Hiermee worden twee of meerdere verzwaarde nymphen direct aan de leader bevestigd. Je vist eigenlijk niet met een vliegenlijn maar met een lange leader.  De extreem lichte top van de hengel registreert elke hobbel of oneffenheid maar ook elke aanbeet. De hengels zijn ideaal voor het maken van precize worpen om de rivier precies en systematisch af te vissen en waarmee je dan een ultieme controle hebt.

Nymphing is een andere manier van vissen die je veelal terug ziet op de riviertjes in het buitenland en kan zeer goed werken. De onderstaande video serie geeft inzicht in de techniek van euro nymphing.





Euro Nymphing


Fly fishing Podcasts

Iedere vliegvisser gebruikt ongetwijfeld Youtube om patronen te vinden en\of hoe de vliegjes te binden.

Minder bekend in Nederland zijn de verschillende podcasts. Radiofragmenten die online te beluisteren zijn.  Hier gaat een nieuwe wereld voor je open.

Een selectie van de vliegvis podcasts!








One of my favorites. Euronimphing! 






The Orvis Fly Fishing Guide Podcast

The Orvis Fly Fishing Guide Podcast Roanoke, Virginia, US
The Orvis Fly Fishing Guide Podcast provides weekly tips from acclaimed fly fishing author and lifelong fly fishing enthusiast, Tom Rosenbauer. Get the most from your time on the water!

The Peaks Fly Fishing Podcast

The Peaks Fly Fishing Podcast Manchester, England, UK
Often recorded in the river, the Peaks Fly Fishing podcast is mainly geared around fishing trips in and around the Derbyshire Peak District & South Yorkshire. Sit back and listen to the river trickling past and discover the waters where Isaak Walton fished and the fish that live in them. Take in the magic of those hidden urban streams and the gems that can be caught. Recorded by fly fishing author, film maker and pro-coach David Johnson on his local rivers and sometimes further afield too. I fall in so you don't have to.

Burritos, Breaks, and Flies - A Fly Fishing Podcast

Burritos, Breaks, and Flies - A Fly Fishing Podcast 

Reno, Nevada, US
We mash up our two favorite topics:Fly Fishing and Food! Fly Fishing feeds our soul just as much as a fine burrito fuels our hunger. Our podcast connects with folks who make the sport great and we learn a little something about fly fishing (and epic burritos) along the way.

Wet Fly Swing Fly Fishing Podcast

Wet Fly Swing Fly Fishing PodcastWelcome to Wet Fly Swing Fly Fishing Podcast by Dave. He digs out all of the best fly fishing tips and tricks to help you understand how to choose the right gear, find fish, present the fly, discover new patterns and more.

Flyfishing97podcast

Flyfishing97podcastFlyfishing97podcast features interviews with guides, resorts, tips on stillwater and rivers and many more.

On The Fly

On The Fly Sydney, New South Wales, Australia
On The Fly is the fly fishing podcast for people on the fly. Ben and Steve from Meander Fly Co share fly fishing stories, anecdotes, tips and techniques, and chat to other passionate fishos along the way. On The Fly keeps you connected to your passion while you're not out on the water.

Fly Fishing Insider Podcast

Fly Fishing Insider Podcast West Kelowna, British Columbia, Canada
Welcome to the Fly Fishing Insider Podcast, where each week, we speak with brands, icons, innovators, and trailblazers within the fly fishing industry. Exploring both the success and failures they have encountered along the way to become who they are today. Our goal is to deliver Inspiring, educating, and entertaining stories of our guests to the listeners in a fun and unique environment.

The CURRENT by Trouts Fly Fishing

The CURRENT by Trouts Fly FishingDenver, Colorado, US
The CURRENT is a low-key, light-hearted fly fishing podcast hosted by Will Rice and produced by Trouts Fly Fishing located in Denver and Frisco, Colorado. With some recently found free time, Will thumbs through his Rolodex of accomplished anglers and friends in the fly fishing industry to talk about what's going on in their neck of the wood


Zinksnelheid en diepte van zinklijnen!

 Naast de juiste vlieg, is o.a. de diepte belangrijk om te weten waar de forellen zich ophouden! Een veel gebruikte manier is om te tellen. Deze telling geeft een goede indicatie hoe diep de vis zit.

In deze tijd zijn er vele soorten lijnen in de omloop. Vaak worden er intermediate of zinklijnen gebruikt om de vis te belagen als deze diep zit. Elke lijn heeft zijn eigen zink snelheid die wordt weergegeven met inch per sec. Dit is feitelijk de zinksnelheid van de lijn zonder leader en vliegen.

Uiteraard hebben de soorten en grootte van de vliegen invloed op de daadwerkelijke diepte dat er gevist wordt. Als we met een DI 7 vissen met een booby op de punt vissen en een leader van 10 feet dan duur het circa 17 seconden voordat we de booby onder water zien verdwijnen als tenminste de bodem meer als 3 meter diep is. 

Centraal is altijd op welke diepte vis ik nu en als ik van lijn wissel hoe lang dan...

Omrekenen van Inch naar cm of meter of visaversa kan lastig zijn en daarom heb ik altijd een tabelletje bij om die me snel wegwijs kan maken.

De eerste tabel geeft de diepte in seconden met een type lijn. De onderste geeft het aantal seconden aan als je een lijn op een bepaalde diepte wilt hebben.



 


The washingline - het vervolg -

Dit Artikel stond op gepubliceerd op flyfishing.co.uk! Een aanrader om te lezen.

A floater or 3 ft Tip from the bank

Very generally size 10 boobies with 4 or 5mm eyes are best as a point fly....or size 12 with 4mm eyes

The Washing Line Method is a generic term used to describe a floating point fly (usually a Booby, Fab or Popper Hopper) with nymphs on the droppers; it allows the angler to fish multiple flies in the killing zone.

It’s essential that you understand your tackle and flies and how slight changes in both can affect the depth you are fishing at, as it will allow you to increase your catch rate. Typically, this method is used when fishing a Floating, Midge Tip or Intermediate line when the fish are in the top 5ft of water. Although, it can be equally effective on faster sinking lines, usually down to a Di3

It’s fairly obvious that the larger the booby eyes (or amount of buoyancy in other patterns) then the higher the point fly will hold in the water.

However, the type and diameter of your leader material will play a huge part as to how the cast fishes and acts in the water…

The length of leader and spacings of flies will also drastically affect how deep your set up fishes, for example, a fluorocarbon leader with 7 – 10ft to the top dropper, then 2 further droppers spaced 3.5ft apart with a size 12 small eyed booby on the point (size 10 nymphs on the droppers ) will allow the angler to fish deeper than most anglers imagine – depths of 15 to 20ft are achievable with a slow retrieve in calm conditions. Although normally you would aim to fish the top 8ft of water

Washing line method
A buzzer feeder taken on the washing line method fished over weed-beds.

But for very shallow work, when the fish are concentrated in the top 3ft of water then you should opt for a copolymer leader, this is less dense and will not sink as fast as fluorocarbon, the leader should be shorter with 5ft to the top dropper then two further droppers spaced 3.5 ft apart (I would use size 12 or 14 nymphs on the droppers when fishing in the surface film)

However, you can just fish two droppers and a shorter leader if you are worried about tangles.

The size and type of fly will have a huge effect on how the leader fishes (epoxy buzzers will sink fast and pull the cast down, crunchers will hold up in the water, A size 10 fly (especially if tied on heavy wire hooks) will drag the cast down, including the point fly, allowing you to fish on the drop.

A simple range of flies in a range of sizes is all that is needed to cover a variety of depths depending upon conditions.
Washing line method
For the point fly, a booby is my preferred pattern to use, but a popper hopper is also a great way to keep the cast suspended when terrestrial insects are present.

If you find they are too heavy, try fishing smaller sizes to slow down sink rates.

Washing line method
Washing Line Method

Make a long cast, then make 2 pulls to strip the flies, this will straighten the leader and ensure that you are in direct contact with your cast, allowing you to feel the slightest of takes. It will also cause the floating point fly to skate across the surface hopefully drawing attention from nearby fish to your flies.

All that’s needed then is an ultra slow figure of 8, basically keeping in contact with your flies (if fishing on the drop) or retrieving them at a slow pace, all your flies will be held at the correct depth for longer, increasing your chances.

I find that the washing line method is most successful once the water has warmed up, and the fish are on the move; from May to October on overcast days or late summer evenings.

I consider it the most consistent method for catching still-water trout.

The slow retrieve allows you to essentially fish a lure (the booby) and nymphs on the same cast. It increases your options as it allows you to fish two different styles of flies at the same time. The flies compliment each other perfectly all you have to do is fine-tune the method and get the depth right.

Vliegvissen in Italië - Vergunningen!

 De maanden december/ januari is bij ons traditioneel de maanden waarin we de vakanties aan het zoeken voor ons gezin. Jawel hoewel ik een frequent vliegvisser ben en het liefst elke dag aan de waterkant sta is een gezinsvakantie een gezinsvakantie. Dit neemt niet weg dat ik mijn vliegvisspullen niet meeneem, integendeel!. De locatie wordt altijd gezocht/uitgekozen en hierna ga ik bekijken waar je kan vliegvissen.  Hopelijk komt er ook een tijd dat het omgedraaid is.

Vanuit een eerdere vakanties weet ik dat vliegvissen echt van te voren uitzoeken is. Niet alleen die locatie maar vooral de vergunningen. Boetes wil je in het buitenland zeker niet oplopen want dat kan behoorlijk oplopen. Terplekke uitzoeken is vaak een krim!!!

Dit jaar staat Italië op het programma en dit is niet het makkelijkste land qua vergunningen!. Hieronder dan ook een site die de stekken herbergt maar ook de vergunning wijze.  Klik op de kaart voor de link!

Doe er je voordeel mee!



Tight Lines





Verschil tussen de soorten vliegen! (Beginner)

 Als beginnende vliegvisser komt er behoorlijk wat op je af. Welk soort hengel, Aftma, lijn, etc. 

Dan hebben we het nog niet over de verschillende vliegen die je aan je lijn kunt knopen. In onderstaand filmpje (Engels) wordt de verschillen uitgelegd. Hopelijk weer een stap verder.


Tight Lines



The Roche Lake Buzzer

Onderstaande patroontje lijkt op een gewone buzzer! En dat is deze ook!
Echter deze is bedoeld voor dieper water, vandaar de kleur blauw. De laatste kleur wat zichtbaar is is (je raad het al): Blauw!
Gecombineerd met UV spots kan dit een killer zijn!

Tight Lines!


Wintervoorn nymphen

De dagen beginnen weer behoorlijk kort te worden. De temperaturen zakken. Voor de vliegvissers een teken dat de witvis de havens intrekt. Tijd dus voor de wintervoorn.






Nymph hook bv TMC103BL, Wide gape voorkeur in de maten 16t/m22

Mocht je de vliegen op een Jig haak willen binden dan kan je hiervoor de Hends BL 144 gebruiken in dezelfde haakmaten.

Haak: TMC103BL of Jighaak Hends BL 144
Haakmaat: 14 t/m 22
Bead: Tungsten 
1.5 mm voor haken 18-24
2.0 mm voor haken 16-18
2.5 mm voor haken 14-16

Staart: Cock de Leon of pheasant tail 
Body: Peacock hearl, pheasant tail of Ostrich Herl (=onderste nimph)
Hackle: Hends Spectra dubbing

Binddraad: normale binddraad. Voor de kleinere haakmaten of superdunne lijfjes Textreme DOUBLE THREAD 

1. Bead op haak zetten.
2. De binddraad naar achteren wikkelen.
3. Staart inbinden
4. Ijzerdraad inbinden.
5. Body inbinden
6. Bindraad naar voren brengen.
7. Bodymateriaal met de klok mee naar voren brengen.
8. Ijzerdraad tegen de klok in naar voren brengen.
9. Spectra dubbing aanbrengen op de binddraad en hier een twee tot drietal wikkelingen mee aanbrengen.
10. Afbinden.

Daarnaast kan het zinvol zijn om met verschillende kleuren te vissen. 
Onderstaand een voorbeeld ter inspiratie:




Tight Lines



Glaskralen

De haak is vaak het duurste onderdeel van de vlieg waarna de bead veelal volgt. We hebben ze in allerlei maten en gewichten. (Brass Beads, tungsten beads, rings, al of niet slotted etc) .

Er zijn situaties waarin je de vlieg wellicht tussen een onverzwaarde  en verzwaard in wilt hebben. De vis zit net onder het wateroppervlakte of je vis met meerder nimphen waarbij de droppers licht verzwaard mogen zijn. Daarnaast kan je ervoor kiezen om de vliegen mee te laten driften waarbij enige verzwaring wenselijk is.

Je kan een onverzwaarde vlieg wellicht in een uitvoering nemen met lood of koperdraad verzwaard. Echter op den duur weet je het verschil niet meer of je moet met meerder kleuren binddraad werken. 

Glaskralen kunnen uitkomst bieden. 




Ze zijn goedkoop (500 stuks voor nog geen € 4,00) en in meerder kleuren en afmetingen te verkrijgen.


6/0: circa 3,3 mm, 4,3 mm hoog.
8/0: circa 2,1 mm, 3,1 mm hoog.
11/0: circa 1,3 mm, 2,1 mm hoog.
15/0: circa 1 mm, 1,6 mm hoog

Wellicht biedt het uitkomst


Tight Lines


Washing line methode - Vliegvissen

Op grote wateren, meren of de grote forel reservoirs kan het vliegvissen met behulp van de washing line methode  een effectieve manier zijn. De washing line methode werkt het beste wanneer er een hatch is van buzzers. Dit kan zowel in het voorjaar, zomer als najaar!

Wat is de washing line methode?

De washing line methode is een vliegvistechniek waarbij je met een paar nimfen en een droog vlieg- of emerger patroon net onder het wateroppervlak aanbiedt.  




Hoe zet ik een washing line opstelling op?

De washing line methode worden vaak leaders gebruikt van tenminste 3 tot 4 meter gebruikt.  Sommige zweren bij een leader van 6 tot 6.5 meter maar dit is niet de gemakkelijkste manier van vissen. Het kan moeilijk om tot een goede worp te komen en mocht dit al lukken dan is het nog maar de vraag hoe de presentatie is van de vliegen. Vergeet niet bij de washing line setup wordt met minimaal drie vliegen gevist.

Wat voor soort vlieg moet ik op de punt gebruiken?

De nimphen en\of buzzers hangen als het ware aan de puntvlieg. Daarom dient de puntvlieg een redelijk drijvende vlieg te zijn waarvoor veelal een booby patroon gebruikt wordt. 

Op kleinere stilstaande wateren, of waar je vanwege de visserijregels geen boobies kunt gebruiken, is kan volstaan worden met een droge vlieg  bijvoorbeeld een Klinkhamer. 




Wat voor soort vliegen moet ik gebruiken op de droppers?

Omdat deze methode is gericht op het imiteren van uitkomende buzzers, zijn kleine buzzers de meest gebruikte vlieg. Standaard epoxy buzzers werken prima, maar magere buzzers zijn goed als je de vliegen hoger wilt houden, en buzzers die aan zwaardere haken of met dikkere epoxy gebonden zijn, zijn goed als de vissen dieper zitten. Diawl-bachs en natuurlijke buzzers-imitaties met hearl of seals fur werken ook prima.

Welke vlieglijn moet ik gebruiken?

Voor de washing line methode kan een drijvende vliegenlijn gebruikt. Mijn voorkeur gaat echter uit naar lijnen met een midge tip. Een standaard drijflijn houdt uw vliegen hoger in het water, maar een midge tip lijn  heeft een kort tussengedeelte aan de punt waardoor de hangende nimfen een paar meter dieper gevist kan worden. Dit kan net het verschil maken op de andere vissers.

De washing line methode kan ook gebruikt worden met intermediate lijnen of zelfs met zinkende lijnen. Met een zinklijn spreken we van een reversed washingline methode aangezien de je nu de meters boven de bodem bestrijkt ipv net onder het water oppervlakte.

Met een intermediate lijn kan ook met een booby vlieg gevist worden maar hier worden ook vaak natte onverzwaarde vliegen ingezet. Het idee hierbij is dat de lijn gelijkmatige afzinkt naar de gewenste diepte waarna de lijn langzaam met achtjes wordt binnen gevist.





Hoe neem je de aanbeten waar?

Probeer over het algemeen de puntvlieg te zien. Als dit een standaard droge vlieg op de punt vist, zal de forel dit vaak nemen als deze stil ligt, maar als je een booby gebruikt, kun je hem ook een ruk geven door het wateroppervlak heen om hem een gewonde vis te laten imiteren.

Als de vis een van de nimfen of buzzers op de droppers pakt, zie je de puntvlieg snel verdwijnen, of waarschijnlijker wordt de lijn aangetrokken c. rechtgetrokken. De aanbeten kunnen explosief zijn en de vissen haken zichzelf meestal vast.

Vliegvissen op snoek

Naarmate het najaar of de winter nadert wordt de drang om met de vliegvishengel de snoek te gaan belagen steeds groter. Kan dit dan alleen in de winter of herfst? Nee, maar op een één of andere manier zijn dit wel de populaire maanden om deze jongens of big mamma's te pakken zien te krijgen.

Wat hebben we hiervoor nodig?

Hengel
Om op snoek te gaan vliegenvissen heb je wel een stevige vliegenlat nodig. Veelal tussen de Afma 7 t/m 9. Dit is niet alleen van belang om vaak de grote streamers weg te kunnen zetten maar ook om de snoek en dan met name de grotere snoek te kunnen blokken als deze een obstakel nadert (takken, palen in havens etc.)  Belangrijk is wel dat de hengel een snelle actie heeft.




Lijn
Wat voor type lijn heb je nodig bij het vliegvissen op snoek is niet eenduidig te beantwoorden. Er zijn veel verschillende lijnen met ieder een eigen toepassing hebben.
Drijvende lijn (floating): Drijvende lijn, te gebruiken als de snoek zich in het oppervlakte water bevindt of als het water ondiep is!  Daarnaast kunnen we nog de volgende lijnen onderscheiden: Intermediate (langzaam zinkend), Sinking (zinkend) en Fast Sinking (snel zinkend). 
Deze lijnen worden ingezet bij dieper water en als de snoek zich ook dieper bevindt. 
Bij groot open water zal je eerder voor de sinking en fast Sinking gaan. In een polderslootje kan een floating lijn uitstekend werken.

Een nieuwkommer op de markt zijn de Slomo lijnen. Deze zinken net onder de oppervlakte en hiermee zal geen bocht in de lijn worden geblazen door de wind. Met een strakke lijn kan je de vis beter haken. De Slomo is ideaal voor de polder en voor het vissen vlak onder de oppervlakte. 



Leader
De lengte van de leader bij intermediate t/m fast sinking lijnen bedraagt bij mij 1,5 meter. Langer vind ik zelf niet praktisch aangezien ik de (grote) streamers moeilijker weg kan zetten. Dit lukt nog wel bij deze lengte. De dikte van de lijn bedraagt bij mij altijd minimaal 25/100.

Stalen onderlijn of...
Aan de leader dienen we nog wel een stalen onderlijn te bevestigen. Een snoek hoeft geen moeite de doen om een normale onderlijn of leader te laten breken. Een andere mogelijkheid zijn de onderlijnen van Fluorocarbon. Beide zijn kant en klaar te koop of gemakkelijk zelf te maken. Dit laatste is aan te bevelen als je veel op snoek vist. 

Streamers
Hierover is veel te doen en dat zal ongetwijfeld zo blijven. De één gelooft in veel beweging van de streamer terwijl de ander zweert om eerder de contouren en de voortstuwing als uitgangspunt te nemen.
Hierbij wordt de vergelijking gemaakt met de jerkbait vissers. Jerkbaits hebben nauwelijks beweging in vergelijking tot een streamer en er wordt goed op gevangen. Daarnaast krijgen de streamers die veel beweging in het water veroorzaken vaak het verwijt dat ze eerder voor de vliegvisser gemaakt zijn als voor de snoek. Daarin tegen wordt er wel mee gevangen!
Ook bij snoeken kennen we dresseur. Werken vaak op nieuw plekken het eerste jaar de flash streamers nog prima, het jaar daarop vaak niet meer. 
Dit betekent niet dat je hoeft te kiezen. Zorg ervoor dat je zowel beide in je vliegendoos hebt zitten. 
Varieer dus als je op geen tot nauwelijks aanbeten krijgt op een water in het soort streamer.

Kieuwgreep of landingsnet
Het uitgangspunt dient het welbevinden van de vis te zijn om deze na de vangst zo goed mogelijk, onbeschadigd, terug te zetten. Een kieuwgreep is in deze de meeste geschikte manier om dit te bereiken.
Hoef je dan geen landingsnet mee te nemen. Jawel, je zou maar net op een kade staan of op een plek waar je de snoek moeilijk binnen kan halen. Dan biedt een landingsnet toch de voorkeur om deze te gebruiken.

Stripping basket
De snoek dient opgezocht te worden dus je kan behoorlijk wat meters maken op een dag. Daarnaast kan je te maken hebben met verschillende soorten ondergronden met al of geen obstakels voor je lijn. Om je lijn in goede conditie te houden is een stipping basket vaak aan te bevelen.



Handschoenen, pleisters, verbanddoos
Ook al ga je zo nauwkeurig en veilig om met de snoek, het blijft een onvoorspelbare vis. Vooral als je deze vast hebt kan het nog wel gebeuren dat je de snoek met zijn kop kan schudden. Hierdoor kan je niet een scherpe rand of tand raken wat vrijwel meteen een bloeding kan vooroorzaken. 
Er zijn vliegvissers die hiervoor speciale handschoenen hebben aangeschaft om dit te voorkomen. Mocht je niet willen vissen met handschoenen neem dan voor de zekerheid pleisters en\of een verbanddoos mee om een eventuele bloeding te stelpen. Vooral  bij koud weer (koude handen) blijf je handen vaak lang bloeden. 


Verdere handige hulpmiddelen
Arterieklem, bekkenklem en een onthaakmat. Doelstelling voor mij is om de vis zo onbeschadigd mogelijk terug te kunnen zetten. Daarnaast is je eigen veiligheid ook van belang. Vandaar de arterieklem, bekkenklem. Wellicht heb je zie niet nodig maar je zou het maar eens wel nodig hebben.


Tips
- Zoek beschutte plekken op (onder bomen, bij obstakels, bij boten). Hier ligt vaak de snoek verscholen in afwachting van..
- Varieer in de manier van strippen (snel, achtjes of zelfs rolly poly). Stop ook af en toe om daarna de streamer weer binnen te gaan strippen.
- Vooral in de winter, zoek haventjes op waar de witvissen zich bevinden. Hier bevinden de grote big mamma's zich ook.
- De snoek bevindt zich niet op één waterdiepte. Dit varieert en kan in de loop van de dag ook variëren. De vis komt niet naar ons toe dus moeten we de vis opzoeken maar ook de juiste diep. Verschillende soorten lijnen kunnen dus een uitkomst zijn. 


Tight Lines










Hot spots voor de forel

Wat is een hotspot? Simpel gezegd, een hotspot is een felgekleurd aspect van je vlieg, of het nu een oranje thorax op je fazantstaart is, een paar windingen roze draad achter de kop of een geel gedeelte van de buik! Je zou zelfs een oranje kraal kunnen gebruiken om dit effect te verkrijgen. De theorie achter hotspotvliegen is om ervoor te zorgen dat de forel ze ziet. In de drift kan uw kleine donkere nimf slechts een van de tientallen zijn in het foerageergebied van de forel, en hoewel uw vlieg consistent moet blijven met betrekking tot het prooi, heeft u echt iets nodig om de aandacht van de forel te trekken en zich te onderscheiden van de talloze naturals.






Sommigen geloven dat bepaalde kleuren een automatische reactie van de forel teweegbrengen, zoals oranje voor regenbogen en rood voor bruin. Anderen vinden kleur niet zo belangrijk - het is gewoon de implementatie van een kleur die opvalt in de drift, word opgemerkt en laat de andere attributen van de vlieg de deal bezegelen.


De Canadese Bob Bohling is een denkende visser. Hij heeft met veel succes veel tijd besteed aan het bestuderen en vissen op een aantal soorten over de hele wereld, en heeft in de loop der jaren veel tijd besteed aan het experimenteren met Hotspots. Hij gelooft dat fluorescerende kleuren zoals groen, oranje, geel en dergelijke goed tot hun recht komen in kleurend water, en bij het dieper vissen wanneer andere kleuren hun effectiviteit beginnen te verliezen. Paars is een favoriet voor diepe nimfen in meren, omdat het zijn kleur behoudt in het onderste deel van het lichtspectrum.

Bij helder water of op helderdere, blauwe hemel dagen worden subtielere kleuren zoals oranje, helder groen en zelfs lichtblauw. Nogmaals, het idee is om zijn vliegen gewoon te laten opvallen tussen de natuur, en in duidelijkere omstandigheden hoeft men niet zo slim te zijn om dit te bereiken. Het is ook interessant om de grootte van de hotspots op te merken; voor helder blauwe dagen kunnen ze maar een paar draadwikkelingen achter de kraal genoeg zijn, terwijl saai of gekleurd water, de hotspots de gehele thorax, vleugel of zelfs de hele buik van de vlieg kunnen vormen. 

Ter advies 4 kleuren: oranje en chartreuse voor agressieve vissen en donkerpaars, roze en zelfs wit voor schuwe en good educated vissen.

Tight Lines